Van 2e naar 1e persoon enkelvoud

Kleine tip voor interviews

Ben je bezig met het uitschrijven van een interview? En wil je het verhaal dichtbij brengen? De lezer meenemen in de emoties van de geïnterviewde? Dan hebben wij deze goede tip voor jou!

Jij bent mij

Kijk (nog) eens naar de woorden die de geïnterviewde gebruikt als die over zichzelf praat. Vertelt die over ik of over je? Bij lastige onderwerpen praten mensen vaak in de tweede persoon enkelvoud (jij, jullie, u). Bijvoorbeeld zo: “En dan krijg je ineens te horen dat je kanker hebt”.

Afstand nemen

De geïnterviewde neemt afstand van wat die vertelt met de jij-vorm. Dat is ook wat die wil: afstand tot sommige gevoelens. “Je voelt je hartstikke klote en je bent echt even van de kaart.” Zo kan de verteller het onderwerp helder uitleggen en bespreken, als een soort toeschouwer.

Waarom werkt dit zo?

Het onderwerp staat misschien te dichtbij om (opnieuw) te beleven of voelen. Of de geïnterviewde wil niet in emotie uitbarsten. Het is menseigen om pijn of andere negatieve gevoelens te voorkomen. Dat doen we dus ook in onze taal. Een manier daarvoor is over onszelf vertellen in de tweede persoon enkelvoud. “Je wilt niet meer, tot je zover bent dat je 3 dagen niet hebt geslapen of gegeten.”

Verander je in ik

Jij als schrijver wilt de lezer juist wel meenemen in emoties. Je wilt het verhaal dichtbij brengen en  dus liever géén afstand tot die gevoelens. Kies er daarom voor om in eerste persoon te schrijven. En verander de je’s in iks. Als de geïnterviewde dat ook goed vindt natuurlijk.

“Toen hoorde ik ineens dat ik kanker heb.”
“Ik voelde me hartstikke klote en was echt even van de kaart.”
“Ik wilde niet meer. Tot ik zover was, dat ik 3 dagen niet had geslapen of gegeten.”

Grijpt het jou nu ook meer aan?

 OOK INTERESSANT